Home Travel Tales Travel tales De weg om Lake Machattie
De weg om Lake Machattie PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Administrator   
Zaterdag 14 Juni 2008 21:16

In de afgelopen dagen heb ik zo'n 1200 kilometer zandweg gereden en nu, ten noorden van Birdsville zijn er weer eens stukjes geasfalteerde weg.

Als de zandweg slecht is dan hoop ik dat er bitumen komt. Als de zandweg (dirtroad) mooi glad is, hoop ik dat dat zo voor altijd door kan gaan; asfalt is saai!

En nu staat er op een groot officieel bruin bord, zoals wij de blauwe borden van de ANWB kennen: Alternative route to Bedourie.

Daar wil ik ook heen, of liever, daar moet ik ook heen, op weg naar Boulia in het noorden.

De hoofdweg naar Bedourie zal redelijk wat saai wegdek laten zien, de alternatieve route is duidelijk weer zand.

Ik stop aan het begin van de zijweg om te controleren en te berekenen of ik genoeg benzine heb voor deze omweg. Dat moet te doen zijn, dus…

Het eerste stuk van de route ziet er net zo mooi uit als de dirtroad van de afgelopen kilometers, dus ik geniet van deze nieuwe mogelijkheid. En van de leegte. De weg zal pas over zo'n zestig kilometer weer op een bredere zandweg uitkomen, wauw.

Na het zoveelste lage zandduin dat ik over moet, zie ik iets grijzigs op de weg, twee bobbels. Als ik dichterbij kom richten ze zich op en hoppen een beetje opzij. De kangaroes, want dat zijn het natuurlijk, blijven rustig zitten en op mij wachten totdat ik vlakbij stop. Hun gezichten drukken verbazing uit.

"Hebben we dit al eens eerder gezien? Wat doet dat hier?" zie ik ze denken.

Vlak voordat ik stop om een foto te maken, laten de achterwielen de auto even kwispelen in een zanderige plek.

"Ach," denk ik, "als dat de prijs is voor het zien van deze grote rode kangaroes van zo dichtbij, dan moet dat maar."

Toch ga ik nu een beetje nadenken over de vraag die de kangaroes me lijken te stellen:
"Wat doe ik hier?"

De weg heeft niet meer het gladde en brede uiterlijk van de eerste kilometers, hij is niet heel slecht, maar toch, dat zwabberen van de achterkant van de auto...

Na nog een aantal zandduintjes zie ik plotseling een natte plek op de weg. Stoppen? Daarvoor is het al te laat. Dat zou betekenen dat ik vast kom te zitten in de modder. Dóórrijden dus, niet méér gas geven, ook niet minder, gewoon erdoorheen schuiven.

Dat lukt gelukkig en daarom rijd ik maar door. Hoeveel kilometer heb ik al afgelegd? Mijn hoofd vertikt het even om dat uit te vogelen. Dóórrijden!

Help! een tweede natte plek, groter dan de eerste. Weer geen tijd om na te denken, gewoon dóór, op hoop van zegen. Slippen, schuiven, brrr.

Ik realiseer me nu dat de weg geen weg meer is, maar nog slechts een karrespoor. Stoppen en omkeren kan niet meer. Volgens mijn wat paniekerige schatting ben ik hoogstens halverwege deze alternatieve route en er zal dus nog zeker dertig kilometer geen teken van menselijk leven te verwachten zijn. Auw.

En ja, daar is de derde natte plek, nou ja, plek... dit is een regelrechte modderpoel, groter dan de eerste twee samen èn met een echte waterplas in het midden. Van omkeren of achteruit rijden is echt geen sprake meer en met een beetje méér, en door de paniek misschien wel teveel gas erop duik ik het noodlot tegemoet. Slingerend, schuivend, mijn stuur als een bezetene heen en weer draaiend probeer ik deze crisis de baas te blijven. De modder van de waterplas sproeit over de voorruit en beneemt me ook nog het zicht. Blind en nu echt in paniek ruk ik het stuur heen en weer, vind de knop voor de ruitenwisser en rijd dan plotseling weer op het droge zand. Ik heb het gehaald! Wauw.

Jemig, hoelang gaat dit nog door? Wordt het misschien nòg erger? Hoe ver moet ik nog? Geen idee. Als ik ergens een plek vind om te keren, zou dat wat zijn? Nee, want dan heb ik waarschijnlijk niet genoeg benzine meer om naar Bedouri te komen en ik heb zeker niet de moed om die modderpoel nog een keer te trotseren.

Ergens tussen die natte plekken in is er wel een zijweg geweest, nou ja, zijpad, nog slechter dan het mijne. Daarbij stond een naambordje, jawel, hier midden in het niets. Op dat bord stond de naam van een boerderij, die misschien wel zestig kilometer verderop in dat niets ligt, dit is de achteringang. Wanneer zal er hier een van de bewoners langs komen? Over twee uur, twee weken, twee maanden…?

De kangaroes en andere interessante dingen die ik de rest van deze trip zie gaan volstrekt aan mij voorbij, of beter gezegd, ik aan hen. Geen foto's, dóór, dóór, dóór. Please, laat deze weg afgelopen zijn.

Als eindelijk, na de allerlangste twintig kilometer van mijn leven, de bredere zandweg in zicht komt is mijn hoofd een rode bom. Mijn oren tintelen van de stress en voelen alsof ze tientallen centimeters buiten mijn hoofd uitsteken.

Bij de T-kruising is een picknickplek, waar ik even kan bijkomen. Daar pas zie ik in de wegenatlas dat de weg die ik gereden heb weliswaar op de kaart staat, maar dan als een stippellijn en niet als doorgetrokken streep. Met andere woorden, het is een 4WD-track. Oei, die had ik met mijn oude, tweewiel-aangedreven Ford Falcon echt nooit mogen nemen!

Maar..., ik ben erdoor gekomen en heb nu een sterk verhaal om te vertellen en op te schrijven.

Hoeveel beschermengeltjes zijn hiervoor nodig geweest?

Hoofdstuk uit:
Rood zand en lege wegen
auteur: Geerten van Gelder

252 pagina's, 120 kleurenfoto's
prijs: €29.90
te bestellen via onderstaande link (klik de afbeelding):

 

Rood zand en lege wegen
Rood zand en lege wegen
G. van Gelder

 

of via:
Gopher.nl
tel: 020-4279204

Geplaatst met toestemming van de auteur. Alle rechten voorbehouden.

LAST_UPDATED2
 
Copyright © 2012 Backpacken in Australië. Alle rechten voorbehouden.
Joomla! is vrije software vrijgegeven onder de GNU/GPL Licentie.