|
Ik had de tijd, dus ging ik de wandeling maken door de Valley of the Winds. Het was november 1992 en al behoorlijk heet. Ik had wat water bij me maar geen rugzak. Een halve liter-fles paste wel in mijn fototas. En zo gewapend ging ik op pad.
Wat een schitterend stuk van de wereld. Is Kata Tjuta mooier dan Uluru? Veelzijdiger in ieder geval wel. Als je naar die hoogste berg kijkt en dan een stuk doorloopt en weer kijkt zie je dat die bovenkant niet is veranderd van perspectief, zo hoog is hij, 525 meter. Ik maakte veel foto's waar ik nu nog van kan genieten. Er staan er een paar in Panoramio van Google Earth. Een dag eerder had ik in Yulara gezien dat de verwachte vochtigheid 13% was! Zo droog maak je in Nederland niet mee. Hier is 30% vochtigheid al ontzettend droog, je haren gaan dan rechtuit staan van de statische electriciteit. In de woestijn merk je daar, vreemd genoeg, niets van. Je zweet in die hitte natuurlijk wel veel en door die droge lucht verdampt dat zweet meteen, je merkt niet dat je zweet. En daar zit het gevaar. Toen ik na twee uur lopen en met een lege fles weer op de parkeerplaats kwam was ik uitgedroogd. Gelukkig stond er een kraan. En die staat er natuurlijk voor de sufferds die te weinig water bij zich hebben. Ik dronk zeker een liter uit die kraan en later in Yulara nog eens meer dan een liter. En zo'n drie kwartier na het eten van een zoute portie friet voelde ik me eindelijk weer normaal, de water-huishouding was weer op orde. In deze gebieden kan je echt beter niet van de paden afgaan. Als je daar te dorstig wordt en hulp nodig hebt heb je echt een probleem. Je houdt het maar een paar uur uit. Als je op het pad blijft komt er na enige tijd wel iemand langs die water heeft. In 2003 had ik wel een rugzakje bij me. Met daarin een plastic zak met slangetje en mondstuk waarin genoeg koud water zat voor een wandeling. Ik bleek een liter water per uur te drinken en dat is precies de hoeveelheid die men hier aanraadt. Dat is dus niet overdreven of voor de veiligheid, maar eigenlijk het minimum dat je bij je moet hebben per uur dat je wandelt. Neem dus meer mee. Je komt dan met een prettig lijf weer terug bij je auto. Door Geerten van Gelder, auteur van Rood zand en lege wegen  Rood zand en lege wegen G. van Gelder Geplaatst met toestemming van de auteur. Alle rechten voorbehouden. |